Het is onmogelijk de geschiedenis van elke lekkernij te achterhalen.
Dit geldt zeker voor deze lekkernij.
We kunnen vermoeden dat het koekje van Russische contreien afkomstig is, aangezien het dessert
Veel boter bevat. Dit heeft toch wel een vermoeden dat van de koudere streken afkomstig is.
Alles bij mekaar blijft het een culinair genoegen het te mogen maken en het te mogen degusteren.
Werkwijze :
Deeg :
Maak de boter zacht en meng het met de bloemsuiker en de vanille.
Kruimel er nu de bloem onder.
Strijk het deeg uit op een propere bakplaat 60 X 40 cm.
Afbakken op 210 °C.
Let op de structuur na het bakken (foto 4).
Na het afbakken één minuut wachten om het dan onmiddellijk te versnijden in rechthoeken van 6 X 3,5 cm.
Boterroom :
Klop de dooiers met de suiker op (biscuit). Kook ondertussen de suiker met het water op 117 °C.
Maak de boter zacht.
Giet de gekookte suiker op de biscuit. Laat de biscuit koud kloppen.
Afwerking :
Laat de koekjes afkoelen.
Zorg er voor de plaatkant van de koekjes binnenin zit.
Vul de koekjes met boterroom.
Laat ze opstijven in de koelkast.
Voor teksten en recepten : “ifoodie pâtisserie” : uitgeverij Lannoo, november 2008 ;
auteur : Jan De Clerck .
